DE FLITSEN

 

 

TWEEDE BELANGRIJKE KWESTIE

 

تُسَبِّحُ لَهُ السَّمٰوَاتُ السَّبْعُ وَاْلاَرْضُ وَمَنْ فِيهِنَّ

ثُمَّ اسْتَوٰۤى اِلَى السَّمَاۤءِ فَسَوّٰيهُنَّ سَبْعَ سَمٰوَاتٍ وَهُوَ بِكُلِّ شَىْءٍ عَلِيمٌ

 

Talrijke verzen, zoals deze edele verzen, verklaren dat de hemelen uit zeven hemelen bestaan.

 

In de tafsīr ‘Ishārātu’l-I‘adjāz’ (Tekenen van Wonderbaarlijkheid) hebben wij deze kwestie, wegens de noodzaak tot beknoptheid, aan het front tijdens het eerste jaar van de Eerste Wereldoorlog uiterst beknopt en samengevat uiteengezet. Het is dan ook passend hier slechts een samenvatting van die kwestie te geven. Deze luidt als volgt:

 

De oude filosofie stelde zich de hemelen voor als negen in aantal, doordat zij de Arsh en de Kursī tot de zeven hemelen rekende, en beschreef de hemelen op een vreemde wijze. De indrukwekkende uitdrukkingen van de grote filosofen van die oude filosofie hebben de mensheid gedurende vele eeuwen onder hun invloed gehouden.

 

Vele mufessirīn voelden zich zelfs genoodzaakt de uiterlijke betekenissen van de verzen in overeenstemming te brengen met hun opvattingen. Daardoor werd in zekere mate een sluier gelegd over de wonderbaarlijkheid van de Wijze Koran.

 

De nieuwe filosofie daarentegen is, als reactie op de ongegronde en overdreven opvattingen van de oude filosofie, in het tegenovergestelde uiterste vervallen en heeft het bestaan van de hemelen ontkend.

 

De eersten vervielen in overdrijving (ifrāt), de latere in tekortschieten (tefrīt); beiden hebben de waarheid niet volledig kunnen tonen.

 

Maar de heilige wijsheid van de Wijze Koran heeft deze overdrijving en dit tekortschieten verlaten, de middenweg gekozen, en zegt:

 

Sāni-i zul-Djelāl heeft de zeven hemelen geschapen. De bewegende sterren zwemmen daarin als vissen in een zee, en verheerlijken Hem door hun lofprijzing.

 

In een hadith wordt gezegd:

اَلسَّمَاۤءُ مَوْجٌ مَكْفُوفٌ

Met andere woorden: de hemel is een zee waarvan de golven tot bedaren zijn gebracht.

 

Nu zullen wij deze koranische waarheid op uiterst beknopte wijze, vanuit zeven gezichtspunten, door middel van zeven grondbeginselen bewijzen.

 

Eerste grondbeginsel:

Volgens de wetenschap en de kennis staat vast dat deze grenzeloze kosmische ruimte geen oneindige leegte is, maar gevuld is met een substantie die ‘ether’ wordt genoemd.

 

Tweede grondbeginsel:
Volgens de wetenschap, de rede en zelfs de waarneming staat vast dat er een substantie bestaat die de ruimte vervult en dient als verbindingsmiddel voor wetten zoals aantrekking en afstoting tussen de hemelse lichamen, en als drager en overbrenger van krachten zoals licht, warmte en elektriciteit.